De geschiedenis van FC Drogenbos
14/02/25
Fusieploeg Verbroedering Beersel-Drogenbos werd eind vorig seizoen opnieuw SK Beersel en verhuisde naar Lot. Daarmee kwam een einde aan bijna zestig jaar provinciaal voetbal in Drogenbos.
Hoewel Verbroedering Beersel-Drogenbos vorig seizoen kampioen speelde in tweede provinciale, kondigde de club aan ermee op te houden. De financiële druk om op hoog niveau te blijven presteren werd te groot, en daarom werd de eerste ploeg ontbonden. SK Beersel gaat nu alleen verder met een ploeg in vierde provinciale, en speelt zijn thuiswedstrijden in Lot. Daarmee komt een einde aan een tijdperk. Fusieploeg Verbroedering Beersel-Drogenbos ontstond in 2003, en werd in 2010 nog uitgebreid met Lot. Maar ook vóór de creatie van Verbroedering Beersel-Drogenbos werd er in Drogenbos al gevoetbald.
Zandbak in het Moeras
Voor onze terugblik hebben we een afspraak met drie bevoorrechte getuigen van de tijd waarin de club van Drogenbos nog gewoon FC Drogenbos heette. De eerste is Myriam Claessens, voormalige schepen en burgemeester van de gemeente én groot voetballiefhebber. Als dochter van de kantinehouders van FC Drogenbos heeft ze de club altijd van nabij gevolgd. Onze tweede gesprekspartner is ex-speler René Gerin. In de jaren 70 was hij linksbuiten en kapitein van de ploeg die een paar keer kampioen speelde. Niet veel later dan René belandde ook Gilles Muller, onze derde gast, bij FC Drogenbos, om er tien jaar in het eerste elftal te spelen en René op te volgen als kapitein.
We treken met Myriam, René en Gilles eerst naar het Moeras van Drogenbos. Want het is daar dat de eerste terreinen van FC Drogenbos lagen. René en Gilles hebben foto's en krantenknipsels bij uit die tijd. Die leren ons dat het stichtingsjaar van FC Drogenbos 19621 is. Voordien werd er in Drogenbos alleen liefhebbersvoetbal gespeeld, maar in september 1961 sloot een mix van oudere spelers en jeugd aan bij de Koninklijke Belgische Voetbalbond. Op de eerste zwart-witfoto's kan je het niet zien, maar rood en geel waren de kleuren van FC Drogenbos. Café de Sportman was het eerste clublokaal, maar als snel werd dat de kantine naast het veld in het Moeras.
Maar, voetballen in een moeras... Is dat niet om problemen vragen? Bovendien is op de oude foto's iets vreemds te zien. De wedstrijden van FC Drogenbos werden zo te zien niet op gras gespeeld, maar op zand. 'Ah ja, dat was de Zandbak, hè' zeggen Myriam, René en Gilles in koor. 'Precies een strand. Dat waren onze tegenstanders natuurlijk niet gewoon. Maar er moest nooit een wedstrijd worden afgelast.'
'Ik heb wel nog geweten dat het terrein één grote modderpoel was', zegt René. 'Voordat het een zandbak werd, kon je er soms tot je enkels in zakken. Ooit raakte een speler zijn in de modder kwijt om hem nooit meer terug te vinden. Dat is om je een bult en twee korte armen te lachen. Het zand is er uiteindelijk gekomen door Willy Danis. Hij was een van onze spelers, en het hoofd van een bedrijf in Alsemberg dat bekendheid genoot voor zijn zandputten. Hij zorgde voor het zand, en in plaats van te trainen mochten wij met de kruiwagen alles uitrijden.' Na verloop van tijd kreeg FC Drogenbos op dezelfde plek nog een terrein met gras, dat evenwel niet helemaal de juiste afmetingen had. Pas halverwege de jaren 80 verhuisde de club naar de velden aan de Bosstraat.
Tussen derde en vierde
Op de vroegste foto's van FC Drogenbos staat ook de eerste coach: Pinto, een Braziliaan. René: 'Het verhaal ging dat hij nog de persoonlijke verzorger van Pelé is geweest. Nadien zou hij nog de masseur en soigneur worden van RWDM, dat halverwege de jaren 70 furore maakte in eerste klasse.'
FC Drogenbos zelf zou een eerste keer van vierde naar derde provinciale promoveren in het seizoen van 1968-1669, via de eindronde die Drogenbos won. Toen speelde René al mee. 'Het jaar daarna zijn we weer gezakt, maar in het seizoen 1970-1971 is Gilles bij de eerste ploeg gekomen. Niet lang daarna werden we voor de eerste keer echt kampioen.' Gilles: 'Ik mocht in september in het tweede team beginnen tot de trainer (en latere voorzitter) Alex Buelens op een middag kwam zeggen dat ik met het eerste mocht meespelen. Sindsdien heb ik altijd meegespeeld, tot mijn ogen te slecht werden.'
Zo pendelde FC Drogenbos geregeld tussen derde en vierde provinciale, en haalde het al eens een keer tweede provinciale. In het kampioenenjaar 1976-1977 werd de ploeg op het gemeentehuis ontvangen door burgemeester Jean Calmeyn.
Familiale club
Wie al die tijd de ploeg vergezelde, was Myriam, die het familiale karakter van de club mee belichaamde. Zij was de dochter van Jeanne en Guillaume ('Lomme'), die het clublokaal openhielden. Myriam voetbalde zelf ook graag, maar competitie spelen kon voor haar niet in die tijd. Ze trainde wel geregeld mee en heeft verschillende paren voetbalschoenen versleten. 'Ik heb er veel mooie herinneringen aan. Met de bus op verplaatsing gaan en dan pistolets met gekapt of kaas eten. Het sinterklaasfeest met alle jeugdspelers bij ons in de garage of in de zaal van café Au Cher Ami en in het lokaal 'Het Centrum' met Jefke Lays en Charlie Haemers.'
Ren": 'Iedereen zette zich toen gratis en voor niks in. Myriams vader was een kolenhandelaar die zich letterlijk krom gewerkt had, maar zijn weekends stonden helemaal in het teken van het voetbal. Oud-speler Romain 'den bakker' zorgde al eens voor gratis boterkoeken. En oud-speler Constant Teghem, die ook nog schepen van sport is geweest, heeft er als elektricien dan weer voor gezorgd dat er verlichtingspalen kwamen naast de terreinen.' Samen met het beleid van Robert 'Bob' Delbecque (die 2 jaar het voorzitterschap opnam na Marcel Van Diest) en 'Lange Roger' de Permentier zorgde de professionalisering van de club ook voor sterk groeiende jeugdploegen. René: 'Qua jeugdwerking hadden we altijd wel veel concurrentie van Ukkel Sport, dat toen furore maakte in derde divisie en Bevordering. Wij konden daar niet tegenop.' Toch zijn er een paar goede spelers uit FC Drogenbos voorgekomen. Zoals keeper Alain De Greef, die het schopte tot Bevordering. En natuurlijk: Stéphane Demol.
Legendarische penningmeester
De in 2023 overleden Stéphane Demol haalde met de Rode Duivels niet alleen de vierde plaats op het WK in Mexico in 1986. Hij scheerde ook hoge toppen bij clubs als Anderlecht, Porto, Bologna en Toulouse. Hij woonde in Beersel, maar is zonder twijfel de bekendste speler die FC Drogenbos ooit voortbracht. Gilles, die zelf nog bij de jeugd van Anderlecht speelde, kende Demol goed. 'Ik weet ook nog hoe Anderlecht hier in 1980 letterlijk op de deur kwam kloppen om hem te komen halen. Met een proefcontract voor vier jaar dat elk jaar geëvalueerd zou worden. Maar je moest geen expert zijn om te zien wat hij op zijn veertiende al allemaal in zijn mars had.' Helaas is FC Drogenbos financieel niet zo heel veel beter geworden van die transfer.
Na de millenniumwisseling volgde dus de fusie met Beersel, waar volgens Myriam in Drogenbos niet iedereen blij mee was. 'De jeugd van Drogenbos moest toen in Beersel gaan voetballen. Niet iedereen kwam daar aan de bak, en de Franstaligen konden er niet rekenen op bereidwilligheid als in een faciliteitengemeente. Natuurlijk is er altijd goed werk geleverd bij de fusieploeg, en nu ook bij SK Beersel. Maar het geld werd alsmaar belangrijker.'
Niet dat er bij FC Drogenbos nooit iets verdiend werd. Gilles spreekt over winstpremies van 500 à 800 Belgische frank per speler per gewonnen wedstrijd in de hoogdagen. Maar de legendarische penningmeester Jean Philippus hield de vinger op de knip. René: 'Als we geld nodig hadden voor iets, dan moesten we altijd goed nadenken over hoe we dat met Jean zouden arrangeren. De club zorgde voor voetbalschoenen, maar als een jeugdspeler zo snel groeide dat hij op één seizoen nog een tweede paar nodig had, zat hij met een probleem.' (lacht)
Tekst: Michaël Bellon
Foto: Tine De Wilde
Uit: Kaaskrabber februari 2025